12 min leestijd

SEO-contentstrategie in 2026. Wat is jouw content-score?

Auteur Door René Greve (geüpdatet op 12 januari 2026)
Laat een reactie achter / SEO

“SEO content” klinkt alsof het vooral gaat om teksten maken met zoekwoorden erin. In de praktijk gaat het vaker mis op een ander punt: bedrijven publiceren wél, maar zonder keuze, zonder een contentstrategie. Dan krijg je losse pagina’s die elkaar overlappen, geen duidelijke interne structuur, en uiteindelijk onduidelijkheid voor Google én voor je bezoeker.

Over dit artikel

Dit artikel gaat over SEO-contentstrategie in 2026: hoe je bepaalt welke content je wél publiceert, welke je juist laat staan, en hoe je voorkomt dat je tijd steekt in pagina’s die geen rol spelen in groei of besluitvorming. Je leert een praktisch kader (scorecard + beslismatrix) waarmee je per onderwerp kunt kiezen: maken, verbeteren, consolideren of schrappen. Dit is geen schrijfhandleiding; als je de tekst zelf wilt optimaliseren, hoort dat bij de pagina over SEO-teksten.

Wanneer SEO-content níet je probleem oplost

SEO-content kan veel oplossen, maar niet alles. Als je nu publiceert terwijl het echte knelpunt ergens anders zit, bouw je vooral extra pagina’s die je later moet onderhouden of samenvoegen.

Deze reality check helpt je om eerst te bepalen of content hier de juiste volgende stap is, of dat je beter iets anders oplost voordat je gaat schrijven.

Signalen dat je vooral een aanbod- of positioneringsprobleem hebt

Als dit herkenbaar is, levert “meer content” meestal weinig op.

Je krijgt wél bezoekers op relevante pagina’s, maar bijna niemand neemt een vervolgstap. Niet omdat de tekst “niet overtuigt”, maar omdat het aanbod niet helder genoeg is, te breed voelt of simpelweg niet aansluit op de verwachting die je wekt.

Let ook op dit patroon: mensen klikken door, lezen een stukje, en haken dan af op het moment dat ze prijs/aanpak/voorwaarden moeten begrijpen. Dat is vaak een positionerings- of frictieprobleem, geen contentprobleem.

In dit scenario werkt SEO-content pas goed nadat je scherper hebt gemaakt:

  • voor wie het is (en voor wie niet),
  • wat je precies oplost,
  • wat de volgende stap is (laagdrempelig, zonder druk).

Signalen dat je vooral een vindbaarheids- en structuurprobleem hebt

Hier kan SEO-content juist wél verschil maken, maar vooral als je het structureel aanpakt.

Je hebt onderwerpen waar je iets zinnigs over kunt zeggen, maar je site maakt niet duidelijk welke pagina’s “de basis” zijn en welke artikelen ondersteunend zijn. Dan blijft alles los zand, en wordt het voor Google lastig om te kiezen welke URL bij welke intentie hoort.

Een ander signaal is overlap: meerdere pagina’s die ongeveer hetzelfde vertellen, met kleine variaties. Dat kost niet alleen posities; het maakt je onderhoud zwaarder en je beslissingen minder scherp.

In dit scenario gaat SEO-content niet om “meer”, maar om:

  • één duidelijke hoofdpagina per thema,
  • ondersteunende artikelen die echt aanvullen,
  • interne links die de structuur zichtbaar maken.

Wat je checkt vóór je gaat produceren

Voordat je een nieuw stuk maakt, wil je drie dingen zeker weten.

Eén: je weet welke pagina de “eigenaar” is van het onderwerp. Als je daar al twijfel over hebt, is de kans groot dat je content straks overlap creëert.

Twee: je kunt de zoekintentie in één zin formuleren. Niet wat jij wil vertellen, maar wat de bezoeker wil beslissen of oplossen.

Drie: je hebt een meetmoment afgesproken. SEO-content zonder evaluatiemoment is meestal de start van een archief, niet van groei.


SEO-content scorecard + beslismatrix (0–20)

Dit is het kader dat ik zelf zou gebruiken om te voorkomen dat content een automatische reflex wordt. Je scoort een onderwerp/URL, en je krijgt daarna een duidelijke keuze: maken, verbeteren, consolideren of laten.

Scorecard (0–20) — is dit de moeite waard?

Hoe je scoort: per criterium 0, 1 of 2 punten. Maximaal aantal punten: 20.

SEO-content scorecard (0–20)

Per criterium kies je 0, 1 of 2 punten. De totaalscore wordt automatisch berekend.

Criterium012
1) Zoekintentie is in 1 zin helder
2) Er is één owner-URL (geen overlap)
3) Past in een cluster (hoofdpagina + ondersteunend)
4) Je voegt iets unieks toe (praktijk, afweging, grens)
5) Grenzen/randvoorwaarden zijn benoemd
6) Interne links zijn logisch (wat versterk je hiermee?)
7) Volgende stap is duidelijk en laagdrempelig
8) Onderhoud is realistisch (ownership/update geregeld)
9) Meten is vooraf bepaald (GSC/GA4)
10) Sluit aan op aanbod/positionering (zonder te forceren)

Totaalscore: 0 / 20

Praktische interpretatie: als je bij punt 2 (owner-URL) en punt 4 (uniek) laag scoort, is “publiceren” zelden de beste keuze. Dan bouw je eerder overlap dan waarde.

Beslismatrix: Wat doe je op basis van je score?

ScoreBeste keuzeWaarom
0–7Niet publiceren. Eerst kader/aanbod/structuur scherper maken.De basis ontbreekt; content vergroot het probleem (overlap, onduidelijkheid, onderhoud).
8–12Verbeteren of consolideren.Er is potentie, maar eerst één duidelijke owner-URL en betere afbakening.
13–16Publiceren of grondig herschrijven (met meetplan).Je hebt richting, maar het moet scherp en toetsbaar.
17–20Publiceren + onderhoud inplannen.De keuze is helder, de waarde is uniek, en je voorkomt content-schuld.

SEO-contentstrategie snelle quickscan voor in de praktijk

Quickscan (2 minuten)





Zoekintentie als stuurmiddel: één pagina, één hoofdtaak

Als je “SEO content” serieus neemt, gaat het minder om schrijven en meer om kiezen. De eerste keuze is simpel, maar wordt vaak overgeslagen: welke taak heeft deze pagina.

Wil je vooral beter schrijven en optimaliseren, lees dan mijn artikel over SEO-teksten.

Een pagina die wil informeren, hoeft niet tegelijk te overtuigen. En een pagina die bedoeld is om iemand naar contact te brengen, moet geen encyclopedie worden. Zodra je dat toch probeert, wordt je verhaal langer, vager en uiteindelijk minder bruikbaar voor zowel bezoeker als Google.

Informatief, commercieel of lokaal: dit betekent het voor je content

Informatieve content is er om iemand te helpen begrijpen en beslissen. Het beste werkt dit als je één concreet probleem pakt, context geeft, risico’s benoemt en eindigt met een logische volgende stap. Niet als verkoopmoment, maar als richting.

Commerciële content draait om keuze en vertrouwen. Je bezoeker wil weten wat je doet, voor wie het wel en niet is, wat de aanpak is en waar de grenzen liggen. Hier is “meer uitleg” pas nuttig als het twijfel wegneemt. Alles wat niet bijdraagt aan die keuze, is ruis.

Lokale content is een aparte categorie. Daar is de vraag vaak niet alleen wat je doet, maar ook waar, hoe snel en met welk bereik. Als je deze intentie mengt met een algemene gids, wordt de pagina onduidelijk. Dan is het beter om lokale pagina’s hun eigen rol te geven, met eigen bewijs en eigen voorbeelden.

Waarom “alles op één pagina” meestal tegen je werkt

De verleiding is begrijpelijk. Je wil één sterke pagina maken die alles afdekt: definitie, stappenplan, voorbeelden, prijzen, veelgestelde vragen en een call to action.

Het probleem is dat je dan meerdere intenties door elkaar haalt. Je trekt bezoekers aan met een informatieve vraag, maar je laat ze landen op een pagina die halverwege omschakelt naar diensttaal. Of andersom: je hebt een dienstpagina, maar je stopt er zoveel uitleg in dat de hoofdboodschap verdwijnt.

De oplossing is geen truc, maar discipline. Kies per pagina één hoofdtaak en organiseer de rest eromheen. Dit is precies waar interne links hun waarde krijgen. Niet als navigatie, maar als structuur: deze pagina is het vertrekpunt, die pagina is de verdieping.

De contentkeuze: welk type pagina hoort bij jouw doel

Een SEO contentstrategie strandt zelden op ideeën. Het strandt op de verkeerde vorm. Het onderwerp is op zich goed, maar je kiest een paginatype dat niet past bij wat de zoeker wil doen. Dan krijg je óf een blog dat eigenlijk een servicepagina had moeten zijn, óf een servicepagina die stiekem een kennisartikel probeert te zijn.

Hieronder staat hoe ik die keuze maak, inclusief het risico als je het omdraait.

Servicepagina’s: beslissen of je dit wilt afnemen

Een servicepagina werkt als hij een keuze makkelijker maakt. Niet door veel tekst, maar door helderheid.

De kern is: wat doe je precies, voor wie is het wel en niet, hoe ziet de aanpak eruit, en waar liggen de grenzen. Juist dat laatste ontbreekt vaak, terwijl het in MKB-context veel twijfel wegneemt.

Wanneer dit níet de juiste vorm is: als de zoeker vooral nog probeert te begrijpen wat het onderwerp betekent of welke aanpak logisch is. Dan voelt een servicepagina snel te vroeg.

Kennisartikel/blog: begrijpen, afwegen en een route kiezen

Een kennisartikel is geen “blog omdat SEO dat vraagt”. Het is een pagina die iemand helpt om een keuze te maken zonder dat je de keuze al voor hem invult.

Goede kenniscontent eindigt daarom zelden met “koop nu”. Het eindigt met een heldere volgende stap: wat je kunt checken, wat je kunt vergelijken en wanneer je hulp moet inschakelen.

Wanneer dit níet de juiste vorm is: als de zoeker al klaar is om iemand te kiezen en vooral wil weten of jij past. Dan moet hij niet door een lange uitleg heen.

Cases: bewijs zonder grootspraak

Cases zijn vaak het ontbrekende stuk in een contentstrategie, omdat ze tijd kosten en kwetsbaar voelen. Tegelijk zijn ze een van de meest betrouwbare manieren om vertrouwen op te bouwen zonder claims.

Een goede case laat zien: context, uitgangssituatie, keuze, uitvoering, wat het opleverde en wat je níet kunt beloven dat altijd werkt. Dat laatste maakt een case geloofwaardiger, niet zwakker.

Wanneer dit níet de juiste vorm is: als je nog geen consistente aanpak hebt die je kunt uitleggen. Dan wordt het al snel een succesverhaal zonder leerwaarde.

Vergelijkingen en keuzehulp: als de zoeker twijfelt tussen opties

Vergelijkingspagina’s werken wanneer de zoeker al weet dat hij iets nodig heeft, maar niet welk pad. Denk aan “zelf doen vs uitbesteden”, “AI-tekst vs human rewrite”, “blog vs landingspagina”.

De kracht zit in criteria en afwegingen. Niet in het “winnen” van de vergelijking, maar in het eerlijk maken van de keuze.

Wanneer dit níet de juiste vorm is: als je eigenlijk nog basisuitleg mist. Dan voelt vergelijken als een stap overslaan.

FAQ en begrippen: alleen als het echt een aparte taak heeft

FAQ’s en begrippenpagina’s zijn nuttig als je merkt dat dezelfde vragen steeds terugkomen en je ze steeds opnieuw moet uitleggen. Dan kunnen ze frictie wegnemen en interne links ondersteunen.

Maar een FAQ “omdat het hoort” trekt je pagina snel uit vorm. Zeker op een strategiepagina als bijvoorbeeld deze, waar het doel is om keuzes af te dwingen.

Wanneer dit níet de juiste vorm is: als je FAQ’s juist gebruikt om gaten in je hoofdverhaal te dichten. Dan is het meestal een signaal dat de structuur van de hoofdtekst niet klopt.

Zoekwoordenonderzoek is input, niet het stuur

Zoekwoordenonderzoek helpt je om taal van je doelgroep te begrijpen en patronen te zien. Het is geen lijstje dat je moet “afvinken”. Zeker bij MKB-sites zie je anders snel hetzelfde effect: er komen pagina’s bij omdat het volume oké lijkt, terwijl je aanbod, expertise of bewijs nog niet sterk genoeg is om die vraag geloofwaardig te beantwoorden.

Een praktische check: als je het onderwerp niet kunt koppelen aan één concrete dienst, case, of duidelijke praktijkervaring, is de kans groot dat je een algemene pagina gaat schrijven. En algemene pagina’s zijn precies waar je later overlap, onderhoud en teleurstelling van krijgt.

Topicclusters: één hoofdpagina, ondersteunende artikelen met een taak

Een cluster werkt alleen als je rolverdeling hard maakt.

De hoofdpagina is het anker: daar hoort de complete uitleg of het complete besluit. Ondersteunende artikelen zijn er niet om hetzelfde opnieuw te zeggen, maar om één onderdeel uit te diepen dat anders te groot wordt voor de hoofdpagina.

Als je dit goed doet, wordt het ook makkelijker om te schrappen. Want zodra twee stukken dezelfde taak hebben, weet je dat één van de twee moet verdwijnen of samengevoegd moet worden.

Praktisch: als je een nieuw onderwerp bedenkt, noteer er direct bij:

  • welke hoofdpagina het ondersteunt,
  • welke vraag het beantwoordt die nog niet goed beantwoord is,
  • en welke interne link je er straks in legt (heen én terug).

Actualiteit: wanneer updaten en wanneer je beter consolideert

Niet elke pagina hoeft elk jaar “vers” te zijn. Maar je moet wel weten welke pagina’s gevoelig zijn voor verschuivingen.

Drie situaties waarin ik wél update:

  1. De SERP verandert zichtbaar (nieuwe type resultaten, andere intentie, andere concurrentie).
  2. Je eigen aanbod verandert (nieuwe dienst, andere focus, andere bewijsvoering).
  3. De pagina raakt intern zijn rol kwijt (er zijn nieuwe pagina’s bijgekomen die dezelfde taak overnemen).

En er is ook een moment waarop updaten niet genoeg is: als je merkt dat je meerdere pagina’s hebt die elkaar raken, is consolideren vaak verstandiger dan “nog een update”. Je wint dan meestal meer aan duidelijkheid dan aan extra tekst.


Een SEO Contentstrategie is geen project maar iets kiezen

SEO content is in de praktijk geen schrijfproject, maar een keuzesysteem. Zodra je vooraf weet welke pagina welke taak heeft, voorkom je overlap, onderhoudsdruk en de reflex om te publiceren “omdat het kan”.

Als je twijfelt of een onderwerp of bestaande pagina de juiste rol heeft in je structuur, dan is een second opinion vaak efficiënter dan nog een nieuwe publicatie. Niet om meer te maken, maar om scherper te kiezen.

Wil je dat ik één thema of cluster langs de scorecard leg en aangeef waar je het meeste rendement én de minste risico’s haalt: publiceren, herschrijven, consolideren of laten? Dan krijg je vooral duidelijkheid over wat je volgende stap níét hoeft te zijn.

Wie is René en wanneer inschakelen?

Ik help MKB-bedrijven met SEO vanuit structuur en realisme. Mijn rol is meestal het aanbrengen van overzicht: welke pagina’s dragen je thema’s, waar ontstaat overlap, en welke keuzes passen bij je aanbod en capaciteit. Handig als je wilt groeien zonder dat je website onnodig complex wordt.

Bronnen en meer verdieping


Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

5 − twee =